Interviews

Interview met Lotte Brekelmans. 

intv_eugene_p1_h intv_eugene_p2_h

 


Interview met Eugène den Hoed naar aanleiding van de CD ‘EVOCATIONS’  gespeeld door Johannes Möller door Marcus de Jong.

HOE IS JULLIE SAMENWERKING TOT STAND GEKOMEN?

Het is begonnen met een sympathiek Face book berichtje van Johannes ’s vrouw en duo-partner Laura Fraticelli aan mij gericht waarin ze zei dat ze mijn video’s op You Tube ‘so nice ‘vond en Johannes ook. Nu wilde het toeval dat juist in die periode Johannes  bij Vrije Geluiden enkele stukken van zijn CHINA –CD live speelde en hoe ! Ik was erg onder de indruk met als gevolg dat ik niet alleen de CD heb gekocht maar ook zowat alles op You Tube van de man heb verslonden. Ik had  al wel hun Mertz duetten-CD  en zijn Naxos solo CD die ik ‘grijs ‘heb gedraaid.  Er ontstond nog wat Fb contact met Laura waarin ik haar o.a. vertelde zo onder de indruk van manlief was ( en nog ben ) .Vertelde haar dat ik –buiten die korte You Tube -filmpjes ook wel ‘grotere stukken had geschreven maar die ,bewust, niet op YouTube heb laten plaatsen . Toen kwam Johannes zelf ‘ook  in beeld’ en vroeg me hem eens wat toe te sturen. Dat werd mijn langste stuk GUITARAYANDO, een vierdelige sonate.

Ik zal niet zeggen dat ik het stuk met knikkende knieën op de bus deed, maar een beetje onwennig voelde het wel. En weken later kreeg ik een telefoontje van Johannes  vanuit China waarin hij me liet weten dat hij het al een paar keer had doorgespeeld en dat ie het ook ‘beautiful and very nice’ vond en of ik nog meer had. Hij had inmiddels op mijn site gezien dat er wel e.e.a. aan boeken / boekjes opstond en wilde nog wel wat meer van mijn muziek proeven. Ik vond het eerlijk gezegd  best moeilijk te geloven dat iemand met zo’n staat van dienst als Johannes Möller, zeker ook als componist belangstelling  voor mijn muziek toonde, maar we hadden elkaar inmiddels al vaker gesproken, dus ik liet het maar over me heen komen.  Ook mocht ik me in die periode gelukkig prijzen dat Enno Voorhorst mijn Mozart Hommage wilde opnemen  en opgenomen heeft (staat op You Tube) waardoor ik Gé Bijvoet heb ontmoet die Enno al kende als opname technicus en met wie ik later  de EVOCATIONS CD met Johannes heb mogen doen ,al bij al ,feest in huize Den Hoed!

HOE WAS DE SAMENWERKING MET JOHANNES?

We spraken af dat ik een verzameling van stukken zou uitzoeken om die bij Johannes thuis te laten zien en te laten horen. Ik had  op zijn verzoek mijn eigen CD’s meegenomen plus de bladmuziek om maar eens te kijken wat er zou kunnen gebeuren. Ik kan je verzekeren Marcus dat dat toch een behoorlijk ambivalent gevoel gaf om een van m’n CD- tjes in zijn bijzijn af te spelen en hij met de bladmuziek  mee zat te lezen. Maar de sfeer was goed en ik voelde de eventuele gêne gelukkig  verdwijnen. Na dat we zo een aantal stukken hadden ‘afgevinkt’  kwamen er ook twee van mijn Evocations voorbij. Toen stopte Johannes al vrij snel de CD-speler, pakte een van zijn gitaren en speelde toen  à vue –ik dacht no.7- en zei toen: I like that very much ! en er stond  nòg een Evocation  op m’n lijst die hij ook even doornam  en met hetzelfde verhaal. Hij vond toen dat die twee stukken als een eventuele opvolger beter bij zijn vorige CD ‘The Eternal Dream’ zouden passen dan de andere stukken die al voorbij waren gekomen.

“Heb je nog meer Evocations ’ vroeg hij en mijn antwoord was dat er twintig  in totaal waren verschenen. ( toen nog bij Iduna  en EMP ,inmiddels  zijn alle twintig verschenen bij Les productions d’OZ ).  Toen kwam zijn voorstel om ‘samen’ een CD te maken met alle  Evocations die ik had geschreven.  Heb ze dus allemaal naar hem toegestuurd en ik zou er wel verder van horen . En zowaar, ik hoorde ervan. Na een paar maanden  had hij ze allemaal ingestudeerd en vroeg me om weer eens langs te komen om samen aan de interpretaties  te  werken.

 

Mij leek dat volkomen overbodig maar Johannes stond erop. Zo hebben we elkaar drie keer ontmoet en gelukkig verdween ‘mijn schroom’ al vrij snel om soms toch mijn mening tegen zo’n groot gitarist èn componist te kunnen zeggen waar hij toch wel wat aan had ( volgens zijn zeggen.)

 

WAT DOET DIT MET JE , WAT ZIJN DE HOOGTEPUNTEN?

Ik heb het hele proces als een droom ervaren; Gé Bijvoet wilde de opnames doen, die regelde de locatie die voor een klassieke gitaar qua akoestiek voor Johannes  zo ideaal mogelijk moest  zijn  ( we hebben opgenomen in de kelder van de Baseliek in Oudenbosch, veel gewelven van steen )  De dagen die we hadden geboekt verliepen op rolletjes ; Johannes had alles erg goed voorbereidt ,absoluut een echte professional . En ik begrijp zelf natuurlijk ook wel dat het eventuele technisch niveau van de stukken voor Johannes  niet zo’n karwei zal zijn geweest ,maar dat nam niet weg dat hij voor 100% ‘bij de les’ is gebleven.

Een soort van hoogtepunt was toch ook wel- buiten het opnemen- de dagen na afloop van de sessies- bij mij thuis en bij mijn vriendin aan tafel in een ontspannen en relaxte sfeer. Johannes kan ook wel van het goede leven genieten.

 

HOE VOND / VIND JE  JOHANNES’S  INTERPRETATIES  VAN JOUW STUKKEN?

Daar kan ik als gitarist alleen maar heel blij mee zijn. De man heeft niet alleen qua techniek giga veel in huis maar is ook door en door muzikaal .Hij kan dan wellicht wel wat hebben ‘opgeslagen’ van mijn eigen opnames en mijn visie, maar er is toch nog altijd zoiets als een ‘Johannes  Möller touch’ en als die touch in jouw eigen stukken wordt gebruikt dan is dat toch wel heel bijzonder, althans  zo ervaar ik dat. Dat dit allemaal heeft mogen gebeuren is  zeker ook een van de hoogtepunten in dat deel van mijn ‘klassiek gitaar leven’. ( Eugène heeft ook een deel niet klassiek gitaarleven achter zich.)

 

WELK STUK VIND JE HET MEEST GESLAAGD?

Ik geloof niet dat ik die vraag zou kunnen beantwoorden, sowieso zijn toch alle  stukken je kinderen en zoals dat ook met kinderen kan gebeuren zijn ze je de ene dag weer ‘liever’ dan de andere dag, m.a.w. zo kan het immers ook met muziek gaan.  Maar ik heb altijd al wel een zwak voor no.5 gehad, zal te maken hebben met de periode waarin ik het schreef èn ik vind nog steeds de korte ‘Brouweriaanse’ fragmenten mooi contrasteren met de rest van het stuk. Johannes had in het begin wat meer tijd nodig –volgens hem zelf hoor – om er meer grip op te krijgen maar al snel was de mist voor hem opgetrokken. Ook no 7 ( de eerste track op de CD) raakt mij met name hoe hij de contrasterende delen met elkaar verbindt. En een leuke anekdote ; Toen we samen naar mijn eigen opname van no.13 luisterden had ik als een soort excuus naar Johannes toe dat ik het ’meno mosso –triolen-deel’ lets sneller had bedoeld maar dat ik destijds tijdens het opnemen zelf toen niet goed voorelkaar kreeg, ik was al blij dat ik alle noten goed raakte. ( in de EMP uitgave staat dan ook bij de triolensectie “meno mosso). Johannes vroeg  ‘do you want it faster ? Waarop ik vrij naief met ‘kan dat ? reageerde. En met als gevolg dat in de nieuwe d’OZ uigave i.p.v. meno mosso nu’ resoluto’ staat, want Johannes speelde het met een beduidend hoger metronoomcijfer dan ik destijds zelf had gespeeld ,overigens –volgens mij- zonder enige moeite. De uitgaven van alle twintig Evocations bij Les productions d’OZ zijn mede daardoor gebaseerd op Johannes’s interpretaties op de CD. En zoals al eerder gezegd het zijn en blijven allemaal je kinderen.

ZIJN ER NOG VERDERE TOEKOMST PLANNEN MET JOHANNES  GEMAAKT ?

Jazeker. Johannes wil nog een CD met allemaal stukken van mijn handje maken en die zal dan qua sfeer en stijl(en) wat diverser worden dan de Evocations. Dat zullen o.a. die stukken worden die tijdens onze eerste kennismaking  niet aan bod kwamen maar nu wel. Er is keuze genoeg; de 4-delige GUITARAYANDO sonate, de  PARTITA CONTEMPORAIRE , waar ik nog een Courante  aan heb toegevoegd, de aan Leo Brouwer opgedragen SONATINE OSTINATO,  we zullen  ook wat kortere stukken de revue laten passeren zoals o.a. CAMPO TRIBUTE. Ook wil Johannes  graag ‘something sweet’ zoals hij m’n VARIATIONS  ON A THEME OF JOHN DOWLAND noemt en ik heb een nieuwe sonate voor hem geschreven; Sonata Sonatique, dat zal dan een premiere worden. Al bij al nog heel wat toekomstmuziek, gaat zeker voor mij weer een hoogtepunt  worden.


 

 

Elektrische gitaren en snaren

 

Klassieke gitaren en snaren  Ik heb een Kohno 10 uit 1974 waarmee ik mijn solo CD’s heb opgenomen en een Juan Orozco uit 1984 waar ik een strip onder de kam heb laten zetten om bijv. met fluit en cello ook overeind te blijven. Snaren voor de ‘klassieke’ gitaren: D’Addario Pro Arte Hard Tension.

Heb je je gitaar laten bouwen of is het een standaardconfiguratie? Hoeft niet meer! Ik heb twee mooie klassieke gitaren en een ‘leuk aantal’ electrische gitaren die me allemaal ruim voldoening geven.

‘Klus’ je veel aan je gitaar?  Fretten polijsten, topkammetjes aanpassen,dat soort kleine klusjes durf ik wel zelf. Voor ‘ernstige zaken’, Hans Moust uit Breda.

Krassen op je gitaar; geven je gitaar karakter of ben je juist voorzichtig? Krassen liever niet dan wel, maar maakt me niks (meer) uit .

Het schoonmaken van je gitaar; heb je een speciaal middeltje? Nylon snaren maak ik niet schoon. Koop, wanneer nodig, gewoon nieuwe.

Beschrijf het geluid van je gitaar.  Mijn Kohno klinkt van zich zelf heel goed, maar wanneer ik goed ‘ingepakt’ tussen dikke gordijnen zou moeten spelen, blijft er echt veel minder van over.

Ooit wil ik graag nog een… Niet meer! Ben zeer tevreden met al mijn gitaren, ze hebben allemaal een goed speelcomfort, klinken goed en ze zijn allemaal bij mijn muzikantenleven gaan horen.